Het beste onderwijs voor élk kind.

Op voorstel van Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits heeft de Vlaamse Regering de krachtlijnen goedgekeurd voor de modernisering van het secundair onderwijs. Dit begint bij een pakket maatregelen om de overgang van basis naar secundair vlotter te laten verlopen. In de eerste graad van het secundair onderwijs wordt de algemene vorming versterkt en moeten alle leerlingen een vooropgesteld niveau halen. Naast de algemene vorming komt er een keuzegedeelte om nieuwe vakken te verkennen of andere uit te diepen. Waar nodig wordt hier ook verplichte remediëring voorzien. In de tweede en de derde graad komen er 8 studiedomeinen in plaats van 29 studiegebieden. Met deze modernisering willen we het best mogelijke onderwijs voor elke leerling.

Masterplan
Vandaag wordt de definitieve vorm gegeven aan de langverwachte uitrol van het ‘Masterplan voor de hervorming van het secundair onderwijs’ dat 71 maatregelen bevat ter versterking van ons onderwijs. Veel van deze maatregelen werden intussen al gerealiseerd (STEM-actieplan, inclusief onderwijs voor kinderen met een specifieke leerbehoefte, actieplan schooluitval, proefprojecten duaal leren …). Enkele zijn volop in uitvoering. Met deze beslissingen worden nu ook de cruciale stukken van de puzzel gelegd.

Waarom?
Vlaanderen kent een lange traditie van sterk onderwijs. Dankzij de grote gedrevenheid van ons onderwijspersoneel en de kwaliteit van het geboden onderwijs scoren onze leerlingen over het algemeen hoog in internationaal vergelijkend onderzoek. Maar we mogen niet blind zijn voor de gebreken van ons onderwijssysteem: eindtermen die onvoldoende bereikt worden in bepaalde richtingen, het watervalsysteem, grote schooluitval, te veel zittenblijvers, ongelijkheid in onderwijskansen, ook de prestaties van de sterkste leerlingen gaan achteruit, …

Krachtlijnen modernisering secundair onderwijs 
We moderniseren daarom ons secundair onderwijs door de sterke punten te koesteren en de zwakke punten weg te werken. Zo willen we het best mogelijke onderwijs bieden voor élke leerling. Daartoe verhogen we de kleuterparticipatie,  ondersteunen we de overgang van het basis naar het secundair onderwijs beter, versterken we de algemene vorming en de oriënterende functie van de eerste graad en hertekenen we de wildgroei aan studierichtingen in de 2e en 3e graad in een transparant en rationeel kader op basis van twee dimensies: studiedomein en finaliteit (verder studeren/gaan werken).

Het basisonderwijs
We verhogen de kleuterparticipatie via een participatietoeslag in de kinderbijslag en door de minimumaanwezigheid in de 3e kleuterklas op te trekken tot 250 halve dagen. De overgang van het basisonderwijs naar het secundair onderwijs vormt voor vele leerlingen een moeilijke stap. We willen leerlingen daarin versterken door een pakket van maatregelen waaronder proeftuinen differentiatie in het 5e en 6e leerjaar, mogelijkheid van leermeesters voor Frans, techniek en muziek, sterker onderwijs in moderne talen, een beter kwaliteitsbeleid, een vlottere wederzijdse informatiedoorstroom tussen het basis en het secundair onderwijs, …

De eerste graad secundair onderwijs: versterken, verdiepen & verkennen
Voor de eerste graad is er volgende verdeling:
- 1ste jaar : 27 uur algemene vorming + 5 uur keuzegedeelte
- 2de jaar : 25 uur algemene vorming + 7 uur keuzegedeelte

We voeren in de algemene vorming ambitieuze onderwijsdoelen in waarbij we een duidelijke lat (niveau basisgeletterdheid) leggen waar elke leerling over moet. Door daarnaast in het keuzegedeelte ook de mogelijkheid van verplichte remediëring in te voeren, bieden we een antwoord op één van de grootste pijnpunten van ons leerplichtonderwijs (het feit dat velen de eindtermen niet halen). Op die manier laten we geen enkele leerling los, vermijden we schooluitval en geven we leerlingen een sterke basis mee voor hun verdere schoolloopbaan. Bovendien breiden we het aantal uren algemene vorming in het tweede jaar ook substantieel uit.

We versterken de oriënterende functie door in het keuzegedeelte vanaf het eerste jaar ook voldoende plaats te maken voor verdieping of verkenning van een aantal vakken. Ook in het tweede jaar blijft naast de studie-optie minstens 2 uur ruimte voor differentiatie. Door zo een persoonlijk leertraject samen te stellen op basis van zijn interesses en mogelijkheden zal de leerling een gemotiveerde studiekeuze kunnen maken na het tweede jaar. Op die manier werken we aan een sterkere schoolloopbaan zodat meer leerlingen een kwalificatie halen.

2e en 3e graad: van 29 studiegebieden naar 8 studiedomeinen
We herschikken het studieaanbod en maken het transparanter en rationeler. Momenteel kennen we 29 studiegebieden, voornamelijk op basis van inhoudelijke samenhang, met heel wat overlappingen en inconsequenties. In de toekomst bouwen we 8 verwante studiedomeinen uit waarbinnen we de richtingen inhoudelijk ordenen van abstract naar praktisch. We nemen ook expliciet het buitengewoon secundair onderwijs gericht op normale arbeidsdeelname mee (Buso OV3).

Deze matrix van studiedomeinen zullen we uitgebreid overleggen met de onderwijsverstrekkers. Op basis hiervan kunnen scholen dan hun eigen schoolconcept uitwerken. Daarbij moet een school uiteraard niet elke richting binnen een bepaald domein aanbieden maar wel een coherent geheel. We maken zo de creatie van domein- of campusscholen mogelijk. Dat zijn scholen die respectievelijk binnen één of meerdere domeinen een samenhangend geheel van studierichtingen aanbieden op verschillende abstractieniveaus. Met de goedkeuring van deze krachtlijnen zetten we vandaag een langverwachte, cruciale stap in het proces van de modernisering van ons secundair onderwijs.

Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits: “We vernieuwen ons secundair onderwijs door de sterke punten te koesteren en de zwakke punten weg te werken. We willen het best mogelijke onderwijs bieden voor élke leerling. Door in de eerste graad de algemene vorming van de leerlingen te versterken en leerlingen tegelijkertijd voldoende ruimte te bieden om hun eigen talenten te verkennen en te ontplooien, bieden we elke leerling maximale kansen. Er komen meer mogelijkheden om leerlingen te remediëren. In de tweede en de derde graad scheppen we helderheid in de veelheid van studierichtingen door voor elke studierichting duidelijk aan te geven wat het finale doel is, verder studeren of gaan werken. We gaan van 29 studiegebieden naar 8 studiedomeinen. Op die manier helpen we leerlingen en ouders bij het vinden van een gepaste studiekeuze met het oog op een sterke schoolloopbaan.”

CD&V | Wetstraat 89 | 1040 Brussel