Kris Peeters: “In de digitale economie vinden we de jobs van morgen”

Het is in de digitale economie dat we de jobs van morgen zullen vinden. Dat was de boodschap van Vicepremier en Minister van Werk Kris Peeters vandaag bij de voorstelling van het nieuwste rapport van de Hoge Raad voor Werkgelegenheid. Het HRW-rapport maakt een conjuncturele analyse van onze economie en heeft een bijzondere focus op hoogtechnologische activiteiten en de digitale economie.

Uit het rapport blijkt ondermeer dat de hoogtechnologische werkgelegenheid tussen 2000 en 2011 met 22,3% is gegroeid, terwijl de niet-hoogtechnologische met maar 8,6% is gegroeid. Tegelijk blijkt dat 13% van de 16-74-jarigen in ons land nog nóóit internet heeft gebruikt.

Kris Peeters: “De Hoge Raad Werkgelegenheid heeft de digitale economie en de digitale evoluties terecht een centrale plaats gegeven in haar rapport. Het is in de digitale economie dat we de toekomstige jobs zullen vinden. We moeten daarom aandacht hebben voor digitale vaardigheden in het onderwijs en bij de permanente vorming van werknemers.”

Het rapport van Hoge Raad voor Werkgelegenheid toont aan dat de conjunctuur de juiste richting opgaat. Vorig jaar waren er al 41.000 nieuwe jobs en dit jaar komen er daar opnieuw 43.000 bij, geeft het rapport mee. Mede daardoor zullen er in 2018 55.000 werkzoekenden minder zijn dan vandaag en zal de werkloosheidsgraad dalen van 8,6% tot 7,8%.

“Dit is uiteraard goed nieuws. Niet in het minst omdat ook de HRW bevestigt dat het beleid van de federale regering met de taxshift zeer positieve effecten heeft”, aldus Minister van Werk Kris Peeters.

Daarnaast geeft ook de HRW in haar rapport aan dat langer werken een must is. Het rapport benadrukt dat de plannen inzake Werkbaar en Wendbaar Werk een belangrijke stap zijn om langere loopbanen draagbaar te maken.

Digitale economie leidt naar meer jobs en welvaart

De HRW heeft de digitale economie terecht een centrale plaats gegeven in haar rapport.

“Dit Verslag is wat dat betreft zelfs een verademing. Het geeft genuanceerd aan hoe automatisering en robotisering onze economie en samenleving kunnen versterken. Onze jobs veranderen misschien wel van inhoud, maar mensen blijven altijd nodig om de economie en onze bedrijven draaiende te houden”, aldus Minister van Werk Kris Peeters.

Volgens het Verslag is de hoogtechnologische werkgelegenheid tussen 2000 en 2011 met 22,3% gegroeid, terwijl de niet-hoogtechnologische met maar 8,6% is gegroeid. Bovendien toont het Verslag aan dat hoogtechnologische activiteiten absoluut ook kansen bieden voor laaggekwalificeerde profielen.

Daarvoor moeten mensen zich eerst en vooral thuis voelen in de digitale wereld. Volgens het Verslag heeft 13% van de 16 tot 74-jarigen in ons land nog nooit het internet gebruikt. Dat is dus meer dan 1 op 8 mensen. Aangezien dit vaak gerelateerd is aan een lager inkomen, bieden de alsmaar goedkoper worden smartphones en internetabonnementen zeker kansen. Tegelijk moet de overheid investeren in digitale basisvaardigheden. In België hebben maar 60% van de mensen zulke vaardigheden tegenover 72% in Nederland en 66% in Duitsland.

“Hier moeten we als overheden oog voor hebben, bijvoorbeeld in het onderwijs en bij arbeidsbemiddeling. Zelfs in tijden van besparingen zijn investeringen in toegankelijke IT-diensten een must”, benadrukt Minister van Werk Kris Peeters. Duaal leren is een zeer goed middel om dat te realiseren in het onderwijs. Wanneer scholieren en studenten al vroeg ervaring opdoen in bedrijven, dan leren zij de digitale realiteit van de werkvloer al vroeg kennen. Bovendien versterkt dit de banden tussen onderwijs en arbeidsmarkt, waardoor die eerste hun curriculum beter kunnen afstemmen op de wereld waarin hun scholieren en studenten morgen terecht komen.

Een tweede prioriteit is ervoor zorgen dat werknemers mee zijn met de nieuwe digitale evoluties. De nadruk op permanente opleiding in het rapport van de HRW kan de Minister van Werk dan ook ten volle onderschrijven. “Dit is een essentiële doelstelling van werkbaar en wendbaar werk”, aldus Kris Peeters. Eén van de belangrijkste maatregelen in dat kader is namelijk de versterking van de vorming van werknemers. Alle werknemers hebben vanaf 1 januari 2017 een jaarlijks recht op vorming. Dat is goed voor hen, maar het is ook een investering in de goede werking van de bedrijven zelf.

“De digitale economie is een aanstormende trein die we niet kunnen negeren. we moéten op die trein springen. Dat vraagt van velen – overheden, bedrijven, werknemers en sociale partners – een nieuwe mentaliteit. We moeten durven nadenken over innovatie op de arbeidsmarkt. Het is dus in de digitale economie dat we de toekomstige jobs moeten gaan zoeken. Ik roep daarom de sociale partners en alle andere betrokkenen op om deze evolutie te omarmen, om mee op die trein te springen; een trein die leidt naar meer jobs en meer welvaart,” besluit Minister van Werk Kris Peeters.

CD&V | Wetstraat 89 | 1040 Brussel